In Leiden wonen Leijenaren. Leijenaren worden geboren in Leiden, groeien op in de Kooi, gaan op donderdagavond op hun brommer hangen in de Haarlemmer en worden voor hun 25e ouder. Leijenaren leven voor 3 oktober en praten Leids, met een rollende r. Ik ben import en zal dus nooit een echte Leijenaar worden; ik heb ook geen brommer, daar gaat het eigenlijk al mis. Eerlijkheidshalve moet ik bekennen dat mijn omgang met Leijenaren beperkt is tot de lokale klusjeman en een paar buren. Een ding valt mij bijzonder op aan de Leijenaren, vooral die tussen de 12 en 18 jaar. Ze dragen kleren die zo'n 15 jaar geleden tof waren bij gabbers: nike's en aussi's. Alleen het kale hoofd ontbreekt. Misschien hadden de jongens dát nou net óók moeten overnemen van hun illustere mode-voorbeelden. Maar nee, de mode is onnavolgbaar, want de jongens kijken voor hun kapsels nog verder terug in de geschiedenis: naar de jaren 80.
In de jaren 80 was ik nog een meisje en veel meer dan getoupeerd haar kan ik me niet herinneren van de kapsels van die tijd. Maar een ding staat in mijn geheugen gegrift: de mat bij mannen, het liefst met een lang dun vlechtje eronder uit. Zelfs mijn broertje liep daar trots mee rond. Gelukkig heb ik het vlechtje nog niet gesignaleerd, maar de mat is veelvuldig aanwezig. Wat de Leidse jongens er mooi aan vinden, weet ik niet, maar ik denk elke keer aan Rudi als ik een matje voorbij zie komen. Rudi is de personificatie van hoe een man met een mat eruit ziet: geblondeerd haar, kort bovenop, lang vanachter, gel bovenin, nors kijkend en bovenal Duits. En het fijne is: iedereen kent Rudi. Denk maar aan Rijkaard en Rudi komt vanzelf boven drijven.
Zal ik eens één keer tegen zo'n jongen zeggen dat hij op Rudi lijkt? Misschien breng ik het kapsel van zo'n jongen dan wel een decennium dichter bij het huidige. Dat zou toch een verademing zijn.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten