Daar liep ze dan, alleen, tussen de winkelrekken door. Weliswaar wat wankel, want dat lopen ging nog niet zo gemakkelijk. Haar speen zat keurig tussen haar lippen geklemd. Onder haar muts sprongen zwarte krullen naar buiten, haar wanten zwaaiden langs haar handen. Ze had een missie, dit kleine meisje. Hoe haar moeder haar ook riep, het haalde niets uit. Demonstratief liep haar moeder de hoek om, maar Ismaya gaf geen krimp. Ze stond met haar rug naar haar moeder toe en glunderde. Ze had uit het laagste rek een knalblauwe cakevorm van zacht plastic weten te bemachtigen. Geen moeder die haar van deze vreugde af kon houden. Haar moeder keerde terug, nu de 'ik ben weg, dus kom snel achter me aan'-truc geen effect had gehad. "Nu al aan het shoppen," verzuchtte de moeder met een met glimlach. "Echt een meisje," voegde ze daar ter verduidelijking aan toe. Ismaya was duidelijk minder verguld met de komst van haar moeder. Nadat het mooie blauw uit haar knuistje was losgetrokken, volgde een kreet die overging in gejammer.
Ik liep de andere kant uit, maar wat ik zocht, vond ik niet. Ik had naar een andere winkel kunnen gaan, maar ja, geen zin. Op weg naar huis dacht ik nog eens na over meisjes en winkelen. Echte meisjes houden van winkelen, van dingen tegenkomen, waarvan je niet weet dat je ze nodig hebt, totdat je ze ziet. En ik, ik had iets nodig, maar zag het niet en ging onverrichter zake naar huis. Bij Ismaya was het shoppen een aangeboren talent; ik ontbeer het. Dan maar geen echt meisje. Ik kan ermee leven.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Gelukkig ben je verder wel een echt meisje ;-). Een heel leuk meisje!
BeantwoordenVerwijderen